woensdag 13 juli 2011

Beeldvorming JP Coendebat 1987 – 2011


Mijn inleiding bij de gemeenteraad vandaag, 12 juli:
Ik was in 1987 oprichter van de initiatiefgroep Dispereert niet – ik spreek op persoonlijke titel

Voorzitter, leden van de Raad
In de communicatietrainingen die ik geef is beeldvorming een belangrijk onderwerp. Daar gaan mijn bijdrage en mijn beroep op de Raad over.
Wie wij zijn, onze identiteit, is nauw verbonden met onze mythes en onze helden. Zo verklaar ik in elk geval de heftige reacties op de voorstellen die vandaag voorliggen rond het standbeeld op het Roode Steen.

Wij waren en zijn trots op onze kracht in de zeevaart en de handel.
Het is dus niet zo raar dat begin 1987 de 400-ste verjaardag van JP Coen gevierd werd met een gloednieuwe munt, geslagen door de toenmalig burgemeester. Met Coen, een fluitschip en het opschrift Om gerechte Coophandel te drijven.
Daarbij tekende burgemeester Janssens aan dat Coen geen lieverdje was, maar dat je hem in zijn tijd moest zien en dat de normen toen anders waren.

Daar heb ik nog wel twee leuke voorbeelden van.
Ik ging naar Aarhus en zag in het Deense museum eerzame kooplieden op handelsmissie, daar waar in onze schoolboekjes de invallen van de noormannen van meer dan 1000 jaar geleden toch geen theekransjes waren.
Ik zag in het spaanse Salamanca het praalgraf van de hertog van Alva, met zijn 10e penning voor ons de aanstichter van de 80 jarige oorlog, maar in Salamanca? Zo’n peer!

Kortom, elk land en iedere tijd zijn zelfbeeld. En zo hebben wij ook onze Coen-mythe, in de woorden van Colijn “Daar wij niet vergeten dat het de almachtige God is die in het leven van een volk mannen als Coen doet voortkomen om zijn wil op aarde te volbrengen”. En in dat beeld past dat in diezelfde tijd het kritische toneelstuk van Slauerhoff over Coen 30 jaar lang verboden bleef.

En in dat beeld ben je geen echte Horinees als je ook maar met een vinger naar JP Coen wijst. Ik haal slechts een internetbijdrage aan in reactie op het burgerinitiatief: “Hoeveel geboren en getogen waarachtige Horinezen zouden hun handtekening onder dat (digitale?) vod gezet hebben? Ik ken er geen!”

Toch was dat beeld al in 1987 aan het kantelen; rond de 400-ste verjaardag van Coen was er een breed maatschappelijk appel om de schaduwzijde van Coen voldoende aan bod te laten komen; dat liep van buurthuis tot bibliotheek en van vakbond tot vrouwenhuis.

Ik beschouw het voorstel van huidig B&W en ook het idee van Franke en Wolff als een stap vooruit, in de geest van J&A Romein, die betoogden dat als je het stichten van Batavia, dat ons geen windeieren heeft gelegd, als Coen’s doelbewuste daad geëerd wil zien, je ook het bijbehorende prijskaartje hebt te aanvaarden, nl. de vloek van duizenden ongelukkigen.

Het zou de Raad m.i. sieren dat - als het beeld niet verhuist - er een zo breed mogelijk draagvlak is voor een veelzijdige toelichting op het standbeeld; waarmee duidelijk is wie wij zijn: echte Horinezen, die trots zijn op hun fluitschip en hun handelsgeest en die de daden van Coen in hun reele proporties zien.

vrijdag 24 september 2010

Lezing zondag: Meesterlijk Communiceren

De vader die op hoge toon havo eist voor zijn dochter; de wethouder die bedreigd wordt; ambulance broeders die in elkaar geslagen zijn. Ontzag voor mensen met publieke functies is niet meer vanzelfsprekend. In het verzuilde Nederland had men in wijkagent en leraar een vanzelfsprekend vertrouwen. Maar anno 2010 voert wantrouwen de boventoon. Wie zulke verantwoordelijkheden draagt moet zijn vertrouwenwekkende rol in het sociaal verkeer opnieuw uitvinden.

Op zondag 26 september geef ik mijn visie op deze vertrouwensvragen. Volgens mij is er een passend antwoord: “Meesterlijk Communiceren”. In de lezing leg ik uit wat er om ons heen eigenlijk aan de hand is. En laat ik zien hoe “Meesterlijk Communiceren” werkt. Hoe je vanuit een natuurlijke, vertrouwenwekkende houding met ouders, cliënten en andere burgers een volwassen contact kunt hebben.

De -interactieve- lezing begint om 12.30 uur in de Wilhelminalaan 2 in Hoorn.
Na afloop is er gelegenheid om nader kennis te maken in een persoonlijk gesprek in mijn praktijkruimte aldaar.
Nadere informatie op www.opendag.org

zaterdag 20 maart 2010

Witte raven in Managementland

Verjaarsfeestjes, daar ben ik doorgaans niet zo van.
Maar soms tref je het, zomaar.
Zo had ik vanmiddag opeens een boeiend gesprek met oud-studiegenoot en vakbroeder A die doceert aan een HBO instelling in het midden des lands.
Wat me niet vaak overkomt, gebeurde nu wel: ik trof hier een man die zonder voorbehoud zijn leidinggevende prees. We kwamen aldus te spreken over een kwestie die mij al langer bezig houdt: wat maakt nou dat de ene middenmanager het er beter af brengt dan de andere. Ze hebben immers allemaal standaard te maken met de sandwich positie. Ze kunnen niet al hun gewicht in hun team leggen, maar zetbaas zijn “van hogerhand” is meestal ook geen lang leven beschoren.
Hoe vind je de juiste middenpositie?
Welnu, de manager in kwestie deed een aantal dingen. Zij was duidelijk; reflecteerde op haar zwakke en sterke punten en deed daar niet geheimzinnig over, integendeel, zij liet dingen aan medewerkers over die dat beter konden; zij was oprecht geinteresseerd in het vak van haar mensen en kwam geregeld in de collegezaal; zij daagde mensen uit om het beste uit zichzelf te halen en vierde successen met de betrokkenen; zij roemde de managementgoeroes slechts als ze bewijsbaar iets bleken toe te voegen aan de eigen organisatie; zij deed alleen toezeggingen die ze na kon komen; zij besteedde 4 dagen in de week aan haar eigen toko en nooit meer dan gemiddeld een dag aan strategische overhead (maar die ene dag was zeer effectief). Kortom, zo’n leidinggevende gun je meer mensen. Terwijl het, als ik het zo eens op een rijtje zet, toch competenties zijn die tot het standaardrepertoire van de middenmanager behoren.
Maar waarom is het dan zo bijzonder als eens iemand het werkelijk in de praktijk brengt?
Daarover wellicht een volgend keer.

vrijdag 19 februari 2010

Dus als het werkt, is het Waar?!


Jaja, riep Halsema van de week in de interruptiemicrofoon tegen de bewindsman: Als het werkt is het waar, bedoelt u?! Bondiger had zij de kritiek op de postmoderne valkuil niet kunnen formuleren. Het zou me niet verbazen als zij flink heeft zitten grasduinen in Rob Riemen's "Adel van de Geest". Collega-filosoof Achterhuis vergeleek diens werk met
Reader's Digest. Maar die kwalifikatie vind ik misplaatst.
Ik zou eerder denken aan een vergelijking met thriller auteur Ross, die "factie" schrijft. Je weet nooit helemaal zeker of het echt zo gegaan is, maar het verhaal is sterk genoeg om geloofwaardig te zijn.
Het punt dat Riemen wil maken is, lijkt mij, dat het Europees Ideaal, sterker, de europese beschaving, te grabbel wordt gegooid als het postmoderne denken onder intellectuelen de overhand houdt. Hij geeft een paar ijzersterke voorbeelden over anti-amerikaanse reacties na de aanslag op de Twin Towers. En hij pleit voor diepgang temidden van een steeds platter wordende communicatieve stijl in de media en elders; daarvoor roept hij niet de minsten aan: Spinoza, Goethe, Thomas Mann. Verplichte lectuur voor iedereen die met mensen werkt. Mij heeft hij in elk geval weten te fascineren.

zondag 24 januari 2010

Benefiet Birthe Blom voor Haiti

De
Benefiet voor Haiti was vanwege de sneeuwoverlast een beetje matig bezocht, maar de warmte van de sonates maakte veel goed. Vooral de sonate van Brahms nr. 1 opus 78 maakte indruk, evenals de sonate die Poulenc opdroeg als ode aan Federico Garcia Lorca.

donderdag 31 december 2009

Beschavingsoffensief

Als we toch terugblikken: 3x raden wie het aflopende decennium de invloedrijkste Nederlander ter wereld was: Yvo de Boer? Mis. Manfred Kets de Vries? Mis. Victor of Rolf dan? Opnieuw mis.
Zoek hem op in de FT-lijst en ga voor uzelf na hoe trots u bent op deze landgenoot. Sic transit gloria mundi. Gidsland zijn is zo 20e eeuw, nietwaar.
Doorgaans ben ik niet zo cynisch, maar als dit onze bijdrage aan de beschaving is, ja dan verdienen we inderdaad een PVV-kabinet, vrees ik.

dinsdag 1 december 2009